Bezoek aan het museum

Tijdens deze les bezoeken de leerlingen zowel de vaste tentoonstelling over het ontstaan van Maassluis als de wisselende tentoonstelling. In de zaal over de geschiedenis van Maassluis leren de kinderen spelenderwijs over een museum.

Ontdek van alles over beeldende kunst en de geschiedenis Maassluis.

Doelgroep

Groep 1 en 2

Discipline

Beeldend

Culturele instelling

Museum Maassluis

Aantal lessen

1 les van 60-90 minuten

Locatie

In het museum

Dit programma is onderdeel van route B: Burgerschap

Betrokkenheid, Diversiteit & inclusie, Inleven in de ander, Reflecteren, Samenwerken

Bezoek aan het museum

Waarom bestaat een museum? Wat doet een museum? Hoe is Maassluis ontstaan? In de vaste opstelling van het museum ontdekken de leerlingen het allemaal. In de tijdelijke tentoonstelling komen de leerlingen in aanraking met kunst en gaan ze aan de slag met een opdracht. 

Het programma bestaat uit drie (korte) rondes. De groepen rouleren.

  1. Vaste tentoonstelling: Luisteren en een opdracht over musea
  2. Wisselende tentoonstelling: Zoekopdracht
  3. Atelier: Korte creatieve opdracht

Kerndoel(en)

Nederlands.

  • 12: woordenschat en toepassen onbekende woorden.

 

Oriëntatie op jezelf en de wereld > Tijd.

  • 51: gebruiken van eenvoudige historische bronnen gebruiken, hanteren van aanduidingen van tijd en tijdsindeling.

 

Kunstzinnige oriëntatie.

  • 54: leren beelden, taal, muziek, spel en beweging te gebruiken om er gevoelens en ervaringen mee uit te drukken en om er mee te communiceren.
  • 55: leren op eigen werk en dat van anderen te reflecteren.
  • 56: kennis over en waardering voor cultureel erfgoed.

Lesdoel(en)

De leerling:

  • Maakt kennis met de lokale historie van Maassluis aan de hand van spannende verhalen, kunstwerken en maquettes.
  • Maakt kennis met het museum als organisatie, met name wat zich afspeelt in het museum en waarom het belangrijk is om musea te hebben.
  • Maakt kennis met (beeldende) kunst uit Maassluis.
  • Wordt gestimuleerd om zich te verhouden tot hetgeen dat hij/zij ontdekt: wat vind ik hiervan, wat zou ik doen? (Zowel over de historie maar ook zeker over de kunsten).
  • Wordt gestimuleerd om zijn of haar indrukken te verwerken in een creatieve opdracht.
  • Wordt gestimuleerd om samen te werken met klasgenootjes.

Lesmateriaal

Er is een lesbrief beschikbaar.